Personal

Hoe het einde, plots een nieuw begin werd…

einde en begin

NVDR: Deze blogpost is uiterst persoonlijk. Ik schreef dit uit mijn eigen ervaring en wil hier vooral niemand mee kwetsen. Het is en blijft een gevoelig onderwerp. Scheiden/ co-ouderschap blijft wat in de taboesfeer hangen.  Het heeft drie jaar geduurd voor ik hier mijn naam onder durfde te zetten. Dit is namelijk het allereerste artikel dat ik ooit schreef. Anoniem. Misschien zag je het ooit ergens voorbijkomen, misschien ook niet. Maar de tijd is rijp. Vandaag een nieuwe start op de blog, net als toen… Dit moment en dit artikel, het klopt voor mij.  

‘We blijven vrienden, beloofd…’, zei hij.  Ik keek hem aan, keek daarna naar ons 1-jarig zoontje en dacht: ‘Ok, we kunnen dit, we blijven vrienden…’ We lachten zelfs. ‘Net zoals in Friends, die kunnen dat toch ook?’ Ik glimlachte terug… ‘Inderdaad zoals in Friends. Komt goed. Toch?’ Jong en naïef? Ja misschien wel, maar zo konden we omgaan met één van de moeilijkste en hardste beslissingen van ons leven: we zouden scheiden…

Zoals Friends

9 jaar geleden was dat ons gesprek in de keuken, we stonden recht naast de gootsteen. Ik herinner het mij nog zo goed. Het leek een soort moed inspreken voor het allemaal werkelijkheid werd, een soort afscheid ook. Ons huis was net verkocht, we waren al bij de notaris geweest, de naaste familie was op de hoogte… De praktische zaken waren geregeld, dat ging vlot. We hebben geen woorden gehad, alles werd mooi op papier gezet en waren beiden op zoek naar een andere woonst.

We kozen voor co-ouderschap; er werd zelfs niet over andere opties gepraat. Co-ouderschap, dat was voor beiden een uitgemaakte zaak.  1 week mama en 1 week papa. Ideaal toch? 1 week zonder mijn kleintje dacht ik, 1 week gaat snel voorbij… Ah, jong en naïef zeker?

Het einde van de zomer

Toen werd alles werkelijkheid. Na de zomer. Na de eerste verjaardag van ons zoontje.

Het werd herfst. Alles werd wat donkerder en kouder. Daar zat ik dan in mijn pasgeverfd appartementje. Omringd door oude mensen.  Vol moed, echt. Nieuwe start, zo zag ik het. Ik werkte deeltijds. De week dat mijn zoontje er was werkte ik weinig en de andere week werkte ik dubbel. We hadden tijd voor elkaar, gingen wandelen in het bos, we gaven de eendjes eten op zondag en knuffelden elkaar de hele dag door. Hij was zo’n lief ventje. Veel ziek, dat wel, en heel gevoelig ook. We waren al vaak in het ziekenhuis geweest, hadden al veel dokters gezien, maar op dat moment was het nog niet allemaal duidelijk wat er juist mis was. Nu moest ik het alleen doen, opstaan ’s nachts, de medicatie, het moeilijke eten, de zorgen… Maar het lukte. En hij? Ja, hij was er nog voor mij, zoals beloofd… We hielden elkaar op de hoogte als ons zoontje weer eens ziek was, we gingen samen naar de dokter, als we ons even geen raad wisten en twijfelden over iets dan belden we, soms kwam hij nog eens langs op vrijdag na het werk om samen frietjes te eten. Het ging prima, echt.

Het zwarte gat

Maar plots gebeurde het, de hamer, de muur, het gat was daar. Ik reed van mijn werk naar huis en kwam langs het huis van zijn ouders. Ik zag de auto staan. ‘Onze’ auto. Leuk ze zijn op bezoek bij oma, dacht ik. Tot ik plots moest stoppen aan de rode lichten en de tranen kwamen… Onbedaarlijk heb ik daar zitten huilen. De tranen bleven komen, net alsof ik eindelijk door had wat er allemaal was gebeurd.  Ik had me net bedacht dat ik vanaf nu maar recht meer had op de helft van het leven van mijn zoontje, dat ik in de papaweek altijd een buitenstaander zou blijven.

Ik zou zoveel missen: eerste woordjes, verjaardagen, Kerst, een eerste schooldag… Het was vanaf nu OF mama OF papa. Niet meer samen, niet meer wij. Hij zou mij bellen en alles vertellen, dat wel, maar ik zou er niet meer bij zijn. Niet altijd meer. Er niet meer zijn hoe mijn zoontje zijn cadeautjes opendoet, hoe hij zijn kaarsjes uitblaast, hoe hij achterom kijkt als hij het schoolplein oploopt, hem niet meer kunnen troosten als hij zich verdrietig voelde… en hij was nog zo klein. Ik zou vanaf nu parttime mama zijn. Terwijl ik daar zat, brak mijn hart en in een fractie van een seconde stortte mijn wereld in.

Het werd winter

Het werd winter en ik realiseerde me dat een week wel lang kon duren. Ik werkte veel om niet te moeten nadenken. Ik was blij dat ik ook in het weekend werkte, want alleen zitten thuis zag ik niet zitten. Uitgaan deed ik weinig. Veel vrienden had ik niet meer en ondanks de verwoede pogingen om contact te houden met vroegere vrienden verwaterde het contact heel snel. Ook al moesten vrienden niet kiezen tussen ons – we konden tenslotte nog door dezelfde deur – toch deden ze dat…

Ik trok op met mijn collega’s, ging heel vaak naar mijn ouders en had nog een tweetal vriendinnen waar ik op kon rekenen. Mijn wereld was plots erg klein geworden. Maar hij, hij was er nog. We belden (hoe is het met ons monstertje?), gingen samen naar de dokter (nog altijd) en we praatten (volhouden B., je kan het). Hij was ondertussen niet meer alleen. Neen, hij was verliefd. En ik? Ik was blij, blij voor hem. Hij verdiende het om gelukkig te zijn, gelukkig te zijn met iemand anders.

10 jaar verder

Ondertussen zijn we bijna 10 jaar verder. Na die ellendige winter werd alles beter. De eendjes waren er weer, we konden weer naar de speeltuin en we bleven knuffelen. De weken zonder mijn zoontje bleven lang, maar ik wist dat hij in goede handen was. Dat hij omringd werd door mensen die hem graag zagen, mensen die hem ook een week moesten missen als hij bij mij was… Hoewel ik zijn eerste woordje niet hoorde, hoorde ik het verhaal in geuren en kleuren.

De pijn werd zachter en mijn glimlach kwam terug. Ik werd weer verliefd, er kwamen vrienden bij en mijn wereld ging terug een beetje open. Ik verhuisde naar een huis met grote tuin, mijn werk werd weer gewoon een job en geen toevluchtsoord meer, ik kon weer genieten van een avondje uit en werd weer mama. Twee keer. En hij? Hij blijft bellen om over ons ventje te praten, we gaan nog altijd samen naar de dokter (en ondertussen ook naar het oudercontact) , samen zoeken we uit hoe we moeilijk gedrag het beste aanpakken en geven elkaar tips, het communiefeest hebben we zelfs samen georganiseerd en ik mag elke 1 september met onze (ondertussen al grote) jongen naar school…

We bleven vrienden, dat had hij beloofd. Niet zoals in Friends weliswaar, maar dat geeft niet, want mijn beste vriend zit hier nu dicht bij me in de zetel. MIJN vriend.

B.

Ik draag deze op aan alle ouders die de helft van de knuffels met hun kind moeten missen.